Welkom, Geert Junius!

De Spaarvarkens zijn blij om een nieuw lid van hun schrijversstal te kunnen voorstellen. Geert Junius (1959) heeft een lange carrière in de financiële sector achter de rug. Hij zal voor Spaarvarkens.be vooral schrijven over beleggingsfondsen.

Bij Belgische grootbanken KBC en Belfius werkte hij onder meer op de studiedienst, in de marktenzaal en als private banker. Hij diende ook bij een beursvennootschap en een beleggingsverzekeraar. Geert heeft een heel goede kennis van het financiële wereldje en kent het brede gamma van beleggingsproducten. En zegt het spreekwoord niet dat stropers de beste boswachters zijn?

Vandaag is Geert Junius (1959) onafhankelijk financieel schrijver. Hij is auteur van het beleggingsboek ‘Risicobeheer voor de goede huisvader’, uitgegeven bij Kluwer. Geert is Master in Economics en gecertificeerd Estate Planner en Beleggingsspecialist. Sinds jaar en dag is hij zelf een actief belegger, een onmiskenbare troef in het schrijven over het onderwerp.

Maak uw huiswerk!

checklist en advies over beleggingsfondsen bij Spaarvarkens

Als u in fondsen belegt moet u behoorlijk wat huiswerk maken, zelfs al worden de fondsen u aangeraden door een financieel adviseur. De meeste adviseurs zijn immers niet onafhankelijk en hebben belang bij het aanraden van huisfondsen of dure fondsen. Als u zelf fondsen kiest is dit huiswerk uiteraard ook belangrijk, want fondsen zijn complexe producten.

Via mijn artikels wil ik u graag helpen met mijn kennis en ervaring over fondsen, zodat u betere beslissingen kan nemen.

Checklist beleggingsfondsen: aankoophulp

Ja, beleggingsfondsen zijn complex. Ter illustratie begin ik meteen met een checklist in 10 punten die zelfs nog niet volledig is. Maar dit is al een goed begin als hulp bij de aankoop van beleggingsfondsen. Het zou te ver leiden om alles hier al verder in detail te bespreken. In komende artikels zal ik de aandachtspunten grondiger behandelen.

1. Beschikt u over de nodige informatiedocumenten?

Het is cruciaal dat u zich goed informeert en de nodige documenten consulteert. In de eerste plaats betreft dit het document “Essentiële Beleggersinformatie”, ook gekend onder de Engelse afkorting KID (Key Information Document). Er zijn meestal ook nuttige productfiches en periodieke rapporten van de beheerder. Consulteer zo nodig de website van de fondsbeheerder. En leer ook nuttige infosites gebruiken zoals www.morningstar.be, www.fundinfo.com, www.fundsquare.net, www.tijd.be , ….

2. Wat is de juridische aard van het beleggingsfonds?

Gaat het om een klassiek fonds, een ETF (beursgenoteerde tracker), of om een tak 23 beleggingsverzekering ? Het onderscheid is relevant op fiscaal vlak en op kostenvlak en eventueel in het kader van successieplanning (bv. schenkingsmogelijkheden). Vaak heeft u op de markt keuze uit deze drie opties voor eenzelfde beleggingsstrategie. U moet ook de keuze maken tussen de kapitalisatie- en distributieversie van een fonds.

3. Wat is de beleggingscategorie van het fonds ?

In de eerste plaats is het onderscheid tussen aandelenfonds, obligatiefonds, gemengd fonds of alternatief fonds van belang. Uiteraard is dit nuttig om het risicoprofiel van het fonds te kennen maar ook om de kosten correct te beoordelen. Het huidig rendement op obligaties bv. kan geen hoog kostenplaatje aan en dat is zeker een aandachtpunt bij obligatiefondsen en gemengde fondsen.

Om de soort van de belegging nog juister te kunnen beoordelen moet u ook de meer specifieke beleggingscategorie kennen, onder meer op het vlak van de geografische zone en van de eventuele sector. Bronnen zoals Morningstar kunnen u daarin helpen en laten vergelijkingen toe per categorie. Ook De Tijd heeft fondsencategorieën vastgelegd. Voor aandelen zijn dit: Internationaal, Europa, Europese small & midcap, Noord-Amerika, Groeimarkten, België, Azië, Japan.

4. Wat is de risicoscore en zijn er ratings over het fonds?

Elk fonds krijgt in principe een risicoscore toegemeten tussen 1 (laag) en 7 (hoog). Ga na welk cijfer van toepassing is op het fonds dat u beoogt. Wat de ratings betreft, verwijzen we hier enkel naar de sterrenratings van Morningstar en De Tijd. Deze zijn immers consulteerbaar door u als particuliere belegger. Deze sterrenratings gaan over de fondsprestaties van het verleden en geven de plaats aan in de rangschikking ten opzichte van andere fondsen in dezelfde beleggingscategorie. Hier kan u deels rekening mee houden als u een keuze moet maken binnen een categorie. Vermeldenswaard zijn ook de kwalitatieve ratings van Morningstar die meer toekomstgericht zijn en eerder de kwaliteit van het fondsbeheer en het fondshuis beoordelen. De kwalitatieve ratings Gold, Silver en Bronze mag u alle drie als goede ratings voor het beheer van een fonds beschouwen.

5. Wat zijn in– en uitstapkosten?

Geert Junius helpt met beleggingsfondsen kiezen Bij de aankoop van een fonds betaalt u meestal instapkosten. Deze kunnen soms hoog oplopen en het kan aangewezen zijn om erover te onderhandelen. Soms zijn er ook uitstapkosten. Op sommige platformen is de instapkost uitgedrukt als een makelaarsloon en dat makelaarsloon is meestal ook van toepassing bij verkoop.

 

6. Wat zijn de jaarlijkse lopende kosten van het fonds?

U moet veel aandacht besteden aan de jaarlijkse lopende kosten van een fonds, die hoofdzakelijk uit de jaarlijkse beheerskosten bestaan. Die kosten gaan jaarlijks af van uw kapitaal, zelfs al is er geen rendement! Via hoge kosten kan u dus in een negatieve spiraal van kapitaalaantasting terechtkomen. De interne kosten van een fonds worden uitgedrukt as lopende kostenfactor of als TER (Total Expense Ratio).

Share classes

Een fonds heeft meestal meerdere “share classes”, met telkens een verschillende kostenfactor. U kan dit nagaan op de site www.fundinfo.com. Het is heel nuttig om na te gaan tot welke klassen u toegang heeft zodat u van een fonds de goedkoopst toegankelijke aandelenklasse kan kiezen.

Bij een dakfonds (een fonds van fondsen) verdienen de lopende kosten nog meer aandacht. Er zijn immers vaak dubbele beheerskosten: die van het dakfonds en die van de onderliggende fondsen. Zorg dus dat u zicht heeft op de globale TER van het dakfonds.

Ook bij een tak 23 beleggingsverzekering kunnen de jaarlijkse lopende kosten hoog zijn. Dit wordt niet altijd transparant gecommuniceerd. Zorg dat u naast de kosten van het onderliggende fonds ook zicht heeft op de jaarlijkse beheerskosten die de verzekeraar aanrekent.

7. Wat is het regime van de beurs- of verzekeringstaks?

Dit is een vrij ingewikkelde aangelegenheid met diverse tarieven en toepassingsgebieden. Hierbij spelen heel wat aspecten een rol, zoals de juridische aard van het fonds, de beursnotering, de plaats van registratie (bij een ETF), enz. Ga – vooraleer u een fonds aankoopt – dus goed de beurstaks na die speelt bij de aankoop en de verkoop. In bepaalde gevallen kan de beurstaks namelijk oplopen tot 1,32 %, zowel bij aan- als verkoop (bepaalde kapitalisatie-ETF’s).

8. Wat is het regime van de “Reynderstaks” en hoeveel zou die concreet bedragen voor het beoogde fonds?

De zogenaamde “Reynderstaks” is een belasting bij verkoop en speelt in principe op het inkomen uit het obligatiegedeelte van een fonds. De belasting heeft hetzelfde tarief als de roerende voorheffing, namelijk 30 %. Van zodra een fonds meer dan 10% belegt in cash of obligaties kan deze taks van toepassing zijn bij verkoop. Dus ook zuivere aandelenfondsen kunnen mogelijk aan de taks onderhevig zijn als zij cash aanhouden.

Deze belasting kan een zeer grote impact hebben op uw nettorendement. Vooral omdat de taks vaak forfaitair wordt berekend op een groot deel van de meerwaarde en zelfs inclusief de meerwaarde van aandelen mee belasten. We besparen u hier van de complexe details van deze belasting, maar geven u de volgende raad mee. Ga – vooraleer u een beleggingsfonds aankoopt – altijd na of dit fonds de “Taxable Income per Share” (TIS) berekent. Als dat het geval is, betaalt u bij een latere verkoop een correct berekende belasting, dus enkel op het effectief inkomen uit het obligatiegedeelte.

Als de TIS niet wordt berekend, dan wordt er een forfaitaire berekening gemaakt waarbij u op een bepaald percentage van de meerwaarde wordt belast. Het is aangewezen te achterhalen op welk deel van de meerwaarde de belasting wordt geheven. Dit deel is het zogenaamde “asset percentage”. Op de site www.fundsquare.net kan u het huidig toepasselijk percentage meestal achterhalen in de rubriek “Taxes” van het fonds.

9. Wat is de rendementsbenchmark van het fonds?

Vele fondsen willen hun rendement afzetten tegenover een benchmark (referentie, meestal een index) en dat beïnvloedt hun investeringsbeleid. Ga dus na welke benchmark het fonds hanteert. Als een klassiek fonds zeer dicht zijn benchmark volgt, kan u misschien beter kiezen voor een indextracker (ETF) die lagere beheerskosten heeft en dus voor u mogelijk interessanter is.

Sommige fondsen hanteren helemaal geen benchmark omdat ze hun beleggingsvrijheid hierdoor niet willen beperken. Neem ook hier goed kennis van de beleggingsstrategie van het fonds. Sommige fondsen zonder eigen benchmark krijgen er niettemin één bij Morningstar om vergelijkingen mogelijk te maken.

Het is uiteraard verstandig om bij het selecteren van een fonds de historische prestaties te bekijken, alhoewel het verleden natuurlijk niets zegt over de toekomst. De prestaties beoordeelt u uiteraard best op relatieve basis, dus tegenover de eventuele benchmark en tegenover de andere fondsen in de beleggingscategorie. De site van Morningstar is heel geschikt hiervoor. We komen hier nog op terug.

10. Welk muntrisico loopt u?

checklist SpaarvarkensHet is niet omdat een fonds noteert in euro dat u geen muntrisico kan lopen want de activa van het fonds kunnen geheel of gedeeltelijk in andere munten zijn uitgedrukt. Bijvoorbeeld van een fonds met enkel dollaraandelen loopt u muntrisico, zowel in de dollarklasse als in de euroklasse van het fonds (het globale kostenplaatje van de investering in de dollarklasse kan mogelijks verschillen als er door de bank of broker extra wisselkosten worden aangerekend bij de aankoop en verkoop van de dollar).

Er bestaan heel wat fondsen met een klasse “EUR hedged “, waarbij het muntrisico van de niet-euro munten tegenover de euro grotendeels wordt ingedekt. Het is aangewezen de exacte indekking van het betrokken fonds na te gaan

En besef ook dat hedging niet kosteloos is. U kan trouwens ook bewust willen kiezen voor een bepaalde muntblootstelling.

Is nog niet alles meteen duidelijk? Wanhoop niet: Met een beetje tijd en boterhammen komt u er wel. Beleggingsfondsen worden soms voorgesteld voor mensen die weinig kennen van beleggen, maar een goede keuze vereist wel degelijk heel wat kennis en kunde.

Wilt u meer weten over beleggingsfondsen en over beleggen in het algemeen? Dan kan u zich inschrijven op onze nieuwe online beleggingscursus die vanaf 22 april begint. Meer info hieronder.

Beginnen met beleggen: kapitale fouten, aflevering 1 – Spaarvarkens.be

Zeven tips voor jonge en nieuwe beleggers (en voor slimme ervaren beleggers) – Spaarvarkens.be

De 3 favoriete beleggingen van Tim Nijsmans (Vermogensgids) – Spaarvarkens.be