“De beurstaks in België is ontspoord. Het is een pure vermogensbelasting geworden”

“Omdat je een aandeel dat je koopt (zelfs als buy and hold belegger) ooit eens verkoopt, is dat  een vermogensbelasting van 0,7 procent.”

Nu de coronacrisis het gat in de begroting heeft vergroot tot meer dan 50 miljard euro, groeit de roep om “het geld te halen waar het zit, bij de rijken”.  Maar vermogens worden al zwaar belast in België zegt Anton van Zantbeek, advocaat en tevens specialist in beleggingsfiscaliteit. De advocaat die ook doceert aan de Fiscale Hogeschool is ondermeer bekend doordat hij voor het Grondwettelijk Hof ijverde om de effectentaks te vernietigen.

“Wat veel mensen vergeten, is dat de belastingdruk op dividenden in België veel hoger ligt dan in andere landen” begint van Zantbeek. “In andere landen zie je tenminste dat men een afweging maakt tussen de vennootschapsbelasting en dividenden. Is het ene tarief hoog, dan zal het andere vaak lager zijn. In België is dit veel minder het geval” aldus de advocaat waardoor je met een gecumuleerde belastingdruk zit van meer dan 50 procent op dividenden. “Reken je er dan nog buitenlandse voorheffing op buitenlandse dividenden bij, dan loopt de rekening nog verder op tot meer dan 60 procent”.

Sinds 2011 was belegger meermaals het slachtoffer

België heeft echter niet altijd het huidige belastingklimaat gekend. “Alles is in sneltempo beginnen te veranderen vanaf december 2011. Dat was het moment dat de regering Di Rupo gevormd werd na een reeks van lange onderhandelingen. De druk was toen groot om tot een regering te komen herinnert de advocaat zich. “Dit doordat de politieke impasse gecombineerd met de financiële crisis de rente deed opveren tot 6 procent. Een rentetarief dat we ons vandaag niet meer kunnen voorstellen”.

“Toen hadden we nog een roerende voorheffing van 15 procent op de meeste roerende inkomsten waarna deze in verschillende stappen is toegenomen van 15 procent tot 30 procent. Dat was een belastingverhoging voor beleggers met 100 procent. Maar daarnaast heb je de beurstaks die meerdere keren is aangepast de afgelopen jaren met enerzijds hogere tarieven en anderzijds werd de maximale belasting per transactie opgetrokken. Ik schat ongeveer 8 keer”, zegt van Zantbeek.

Anton Van Zantbeek: België is het land van de ondoordachte vermogensbelastingen

In die tussenperiode heb je dan nog verschillende slecht doordachte vermogensbelastingen gehad die meer ellende dan goeds hebben voorgebracht. Zo had je de zogenaamde Rijkentaks toen de roerende voorheffing nog 21 procent bedroeg. “maar mensen die meer dan 20.000 euro roerende inkomsten genoten, moesten daarboven nog een taks van 4 procent betalen. Een idee dat gelanceerd werd door de Vlaamse liberalen en dat al snel werd afgevoerd omdat het onuitvoerbaar en niet controleerbaar was. Ook werden beleggers en banken geconfronteerd met een ongeziene papierwinkel voor een paar euro meer aan belastingen”.

“Men vergat immers een belangrijk detail en dat is dat je bij verschillende banken kunt bankieren en zo je bedrag van 20.000 euro kunt spreiden over meerdere banken. De banken moesten dit IT technisch in orde krijgen en hebben met al die aanpassingen aan de fiscaliteit enorme IT-kosten moeten maken. Later werd de rijkentaks dan wel afgevoerd, maar werd de roerende voorheffing gewoon verhoogd naar 25 procent. Dit keer voor iedereen. Ook de speculatietaks werd op dezelfde ondoordachte manier ingevoerd en kwam door dezelfde problemen aan zijn einde”, vervolgt van Zantbeek.

“Bij de speculatietaks was het probleem dat er plots veel minder beurstaks werd geïnd. Om de speculatietaks te vermijden, stopten beleggers gewoon met te handelen. Hierdoor viel de opbrengst van de beurstaks drastisch terug. Een typisch voorbeeld van het Laffer effect. Als de belasting boven een bepaald niveau wordt verhoogd, verlaagt de opbrengst omdat mensen hun gedrag veranderen”.

En dan hebben we het nog niet gehad over hoe men de beveks (de zogenaamde Beleggingsvennootschap met Veranderlijk Kapitaal of beleggingsfondsen) belast in dit land. De belastbare basis daarvan bepalen is een uiterst complexe oefening. Op gemengde beveks (deel vastrentend/deel aandelen) wordt bijvoorbeeld niet  belast op je totaal rendement. Enkel de meerwaarde van de vastrentende beleggingen wordt (apart) belast. Dat heeft te maken met de Europese Spaarrichtlijn, maar is voor België dan weer net iets anders. Geen gemakkelijke oefening” aldus Van Zantbeek. Hier maken banken vaak fouten in het nadeel van de klant. Als de bank te weinig info heeft, durft men de meerwaarde van een gemengd fonds belasten alsof het alsof alle winst afkomstig is van vastrentende effecten.

Lage rente zet druk op winsten van vermogens

Geld 10 euro 20 euro geldstukken spaarvarkens.beMen vergeet dat de kostprijs van ondoordachte belastingen hoog liggen. En soms hebben deze maatregelen zelfs een negatief effect op de belastinginkomsten zoals voormeld probleem met de speculatietaks. Daardoor kelderde de beurstaks omdat men minder ging handelen.

Je ziet dus heel veel trial en error bij het invoeren van al die nieuwe vermogensbelastingen. En dan hebben we het nog niet gehad over het probleem dat vermogen veel minder opbrengt dan vroeger. Toen Di Rupo nog aan de macht was, kon men tot liefst 6 procent rente krijgen op een staatsobligatie van België. Maar vandaag de dag is de rente zelfs negatief. Je zal dus niet veel meer innen op al dat schuldpapier in vergelijking met vroeger. Dat is het probleem waar België mee kampt. Men wil meer inkomsten halen uit vermogen, maar vermogen brengt vandaag veel minder rente op dan vroeger. En dus kan je tarieven blijven optrekken en toch een opbrengst hebben die veel minder is. De belastbare basis is immers als sneeuw voor de zon verdwenen.

Toekomst vermogensfiscaliteit ziet er volatiel uit

De vraag is dan ook wat de toekomst zal brengen voor de Belgische vermogensfiscaliteit. “Momenteel gaan er stemmen op om alle opbrengsten en winsten uit vermogen aan een uniek tarief te belasten dat dan wel iets lager zou liggen. Dit is geïnspireerd op een recent rapport van de Hoge Raad van Financiën. In ruil zouden de belastingtarieven op inkomsten uit vermogen dalen. De belastinginkomsten uit rente daalden door de lagere rente immers sterk waardoor men nu de belastbare basis drastisch wil verbreden om zo meer belastinginkomsten uit vermogen te kunnen halen. In de praktijk zou dit kunnen neerkomen op het belasten van de meerwaarde op voornamelijk aandelen (vermogenswinsten).

Individuele belegger dreigt te verliezen

De advocaat vreest dat dit ten koste zal gaan van de belegger in individuele aandelen. “Bij een belastingverhoging heb je enkel verliezers. Iedereen die belegt in aandelen zal moeten bijdragen doordat de meerwaarde zal worden afgeroomd. Tot nu bleven deze onbelast wanneer je de meerwaarde realiseerde als een goede huisvader. Als je echter speculatief ging handelen, kon men deze meerwaarde wel belasten tegen 33 procent.

Nu gaat men waarschijnlijk het onderscheid tussen het beheer van een goede huisvader en speculatie laten vallen. In zekere zin valt dit te verantwoorden op voorwaarde dat de randomstandigheden van de belasting in orde zijn. Denk hierbij aan het in rekening brengen van de minwaarden.

“Hier hou ik echter mijn hart voor vast. Dit omdat men in de vennootschapsbelasting de meerwaarden wel al belast, maar de minwaarden niet in rekening neemt. Je winsten worden hierdoor afgeroomd, maar je verliezen tellen niet mee. Dat gaat drama’s opleveren in individuele portefeuilles” vreest de docent.

Ook kan je je vragen stellen over de praktische kant van zo’n belasting. Zo moet je de aanschaffingswaarde weten van je aandeel. Stel dat je 10 jaar geleden Apple hebt gekocht en nu komt er een meerwaardetaks. Pak je dan de waarde van 10 jaar geleden als referentie of die vanaf de invoering van de belasting? De meerwaarde van de afgelopen 10 jaar belasten is niet ernstig te noemen.

Of nog, stel dat je de aandelen geschonken hebt gekregen. Wat is dan de aanschaffingswaarde ? Nul, de aanschaffingswaarde van de schenker of de waarde van het aandeel op dag van de schenking? Toch is  een meerwaardetaks vrees ik onvermijdelijk. De realiteit is dat we met een tekort van meer dan 50 miljard euro zitten”, zucht van Zantbeek.

Anton Van Zantbeek: roep om hogere vermogensbelastingen stijgt ten zuiden van de taalgrens

Spaarvarken België politiekDat de taksen moeilijk implementeerbaar zijn, wil niet zeggen dat ze er niet gaan komen. “Kijk maar naar de politieke partijen in het zuiden van het land waar men ijvert voor een coronabijdrage. Die hebben allemaal stuk voor stuk een of andere vorm van vermogensbelastingen in hun programma staan behalve de MR. Bij de Vlaamse partijen is dit minder uitgesproken, maar bij bijna alle Waalse partijen zie je een roep naar eenmalige en recurrente vermogensbelastingen”.

Van Zantbeek is vooral bang dat kleine beleggers de minwaarden niet zullen mogen aftrekken. Hierdoor krijgen fondsen een voordeel want zij kunnen wel de minwaarden en meerwaarden tegen elkaar afzetten. Aan individueel stockpicking doen, wordt dan zeer gevaarlijk. Het gevaar is ook dat de banken hiervoor gaan ijveren omdat dit positief is voor de verkoop van hun fondsen. De individuele belegger dreigt het kind van de rekening te worden.

Anton Van Zantbeek: VFB moet rol opnemen als verdediger van beleggers

Het zal ook niet makkelijk worden om bij de politiek aan te dringen op wijzigingen om tot een billijke en evenwichtige belasting van beleggingswinsten te komen. “Ik herinner me nog dat met de invoering van de Rijkentaks de Vlaamse Federatie van Beleggers (VFB) is gaan praten met Alexander De Croo. Het was immers duidelijk dat de Rijkentaks een debacle in wording was. Maar de terechte opmerkingen van de VFB zijn op een koude steen gevallen. Mocht er een meerwaardenbelasting komen, vind ik dat de VFB ervoor moet ijveren dat de randomstandigheden evenwichtig en duidelijk zijn.

Denk hierbij aan de aanschaffingswaarde van aandelen, aftrekbaarheid van kosten, aftrekbaarheid van minderwaarden enzovoort” aldus van Zantbeek. Beleggen in België is nu al geen cadeau, maar het mag zeker niet onmogelijk worden.

Helaas zijn er vandaag al veel pestbelastingen. Denk aan de beurstaks waarbij je 0,35 procent van je transactie per aankoop en verkoop moet afdragen. Dat is een pure vermogensbelasting en België is een van de weinige landen die dat heeft. In Europa onderhandelt men over een Tobintaks. Dat is een perfecte belasting die mensen amper voelen en waarbij je moeilijk kunt frauderen. Maar als je spreekt over de Tobintaks, dan spreek je over zeer lage tarieven op hoge volumes. De beurstaks in België is echter ontspoord. Omdat je een aandeel dat je koopt (zelfs als buy and hold belegger) ooit eens verkoopt, is dat 0,7 procent belasting. De belasting is zelfs zo hoog dat hij ontradend begint te werken. Dat zie je vooral ook bij kapitalisatie fondsen waar de belasting op het vermogen bij verkoop oploopt tot 1,32%.

De terugkeer van de effectentaks?

Een andere vrees is dat een effectentaks 2.0 zal worden ingevoerd. “Het is duidelijk dat wie belegt geacht wordt ook vermogend te zijn. En dus moeten beleggers altijd maar meer belasting betalen. De vraag is wel hoe men dan gaat tegemoet komen aan de kritiek van het grondwettelijk hof op de eerder vernietigde effectentaks”.

“Het Grondwettelijk Hof heeft niet al onze argumenten beoordeeld. Het Hof stelde bij het eerste argument vast dat de effectentaks het gelijkheidsbeginsel schond. Men belastte immers niet alle effecten. Slechts bepaalde  effecten werden belast, terwijl vastgoedcertificaten, opties, enzovoort de dans ontsprongen. Echter heb ik nog andere pertinente argumenten tegen een taks die enkel effecten viseert. Het spreekt voor zich dat we die weer zullen laten gelden” zegt de advocaat.

Van Zantbeek gaat ervan uit dat de effectentaks opnieuw gaat ingevoerd worden. “Ik denk dat men rekening gaat houden met het gelijkheidsbeginsel en dat men dit keer alle financiële producten eraan gaat onderwerpen. Maar daarmee is het probleem niet opgelost. Waarom moet iemand met 500.000 euro aan effecten een belasting betalen en iemand die 500.000 euro aan ander vermogen heeft niet? Denk bijvoorbeeld aan vastgoed, fysiek goud, schilderijen, wijnflessen, enzovoort. Waarom zou je enkel rekening houden met effecten en niet met andere activa klassen? Waarom is dat redelijk verantwoord?

Ik zie dat niet. Men kan overigens ook 500.000 euro bij de bank gaan lenen en daarmee beleggen. Ik ben dan niet rijk, want mijn vermogen is nul. Maar ik moet dan wel een belasting betalen omdat de wetgever vind dat ik ‘rijk’ ben. Ik wil daarom wel eens zien onder welke vorm die belasting terug gaat verschijnen.”

Gevaar van de afschaffing van de bevrijdende roerende voorheffing

SpaarvarkenTot slot is naast de verbreding van de belastbare basis en de effectentaks er ook een andere evolutie waarvoor beleggers waakzaam moeten zijn. Dat is met name de afschaffing van de bevrijdende roerende voorheffing. ‘Als je momenteel de Belgische roerende voorheffing betaalt op je roerend inkomen, dan moet je die inkomsten niet meer aangeven. Het gevolg is dat de staat geen zicht heeft op het vermogen van de Belg. België weet dus niet wie hoeveel roerende inkomsten geniet en kan dus ook niet weten hoeveel belegbaar vermogen iemand heeft.

Wordt deze maatregel echter afgeschaft, dan moet iedereen de roerende inkomsten aangeven in de aangifte. Op dat moment is het voor de fiscus een koud kunstje om te weten welke burgers vermogend zijn en welke niet. Dat maakt gerichte controles heel gemakkelijk. Die controles leveren heel wat op. Dat heeft de praktijk uitgewezen. Van beleggers die in het buitenland beleggen weet de fiscus immers alles. Daar wordt massaal op ingezet. Het ligt in de lijn der verwachtingen dat dat ook zal gebeuren met beleggers die in België beleggen.

Je mag verwachten dat het onevenwicht tussen beleggen in het buitenland en in België op een gegeven moment zal sneuvelen. Het idee om het stelsel van de bevrijdende roerende voorheffing af te schaffen is in juli in het parlement gelanceerd en het lijkt te blijven plakken. Gelet op de diepe budgettaire “corona” kraters zal men alles uit de kast halen om ‘het geld te halen waar het zit’. Beleggers doen er goed aan zich op deze evoluties voor te bereiden. Het is immers niet de grootste of de snelste belegger die fiscaal zal overleven, maar wel de belegger die zich het best aanpast aan het wijzigende fiscale landschap.

Als Spaarvarkens willen we de kleine spaarder en belegger verdedigen

  • De belastingdruk op dividenden ligt in België al veel hoger dan in andere landen. In andere landen zie je dat men een afweging maakt tussen de vennootschapsbelasting en dividenden. Hierdoor zit je met een gecumuleerde belastingdruk van meer dan 50 procent op dividenden.
  • In het verleden werden meerdere ondoordachte vermogensbelastingen doorgevoerd die meer kostten dan ze opbrachten.