Wat hebben ballonnen en treinen met inflatie te maken?

18euro

Bij het horen van het woord inflatie staat het zweet menig belegger al op het voorhoofd. De schrik slaat toe en men vlucht weg uit groeimarkten en bedrijven met te veel schulden die geherfinancierd moeten worden. Men gaat op zoek naar veiligere oorden waar men meer zekerheid heeft van een goed rendement.

Wat is inflatie?

Van waar komt inflatie nu eigenlijk? En wat is het precies? Wel, inflatie is het tegenovergestelde van deflatie. Beide termen zijn direct gelinkt aan de koopkracht van ons geld. In het Engels worden ze ook wel gebruikt om aan te tonen dat ergens lucht in of uit gaat. Zoals bijvoorbeeld een ballon. To deflate a balloon, hem aflaten, to inflate a balloon, hem opblazen.

Dus stel je even voor dat de koopkracht van geld een ballon zou zijn. Met koopkracht of waarde van geld bedoelen we hoeveel producten of diensten je krijgt voor elke euro die je uitgeeft. Bij deflatie laten we lucht uit de waarde van het geld en wordt geld als het ware meer waard. Je koopkracht stijgt, je kan meer kopen voor hetzelfde geld. Bij inflatie gebeurt het tegenovergestelde. De waarde van het geld wordt opgeblazen en er zit meer lucht in dan iets anders. Hierdoor daalt de koopkracht van elke euro en dat wil dus zeggen dat het minder waard wordt én we minder kunnen kopen voor hetzelfde bedrag.

infogramkoopkracht

Waar komt inflatie vandaan?

Momenteel stijgt de inflatie bij ons doordat de economie tijdens de pandemie was stilgevallen en ze nadien razendsnel terug is moeten opstarten. Dat is niet evident… Vergelijk dat met een trein met heel veel wagons die abrupt tot stilstand is gekomen en nu plots weer tegen volle snelheid moet vertrekken.

Nog erger zelfs, de trein moet de vrachten die hij niet vervoerd heeft in de periode waarin hij heeft stilgestaan nu ook vervoeren. Hij moet een inhaalbeweging gaan maken. Dat lukt natuurlijk nooit want er zijn niet meer locomotieven of wagons beschikbaar om de last te dragen. Er is dus veel meer vraag dan aanbod en dat zorgt ervoor dat iedereen tegen elkaar opbiedt en men voor het gebruiken van een spreekwoordelijke wagon uit onze economie veel meer wil betalen dan voordien.

Die meerprijs wordt verrekend aan de consument, waardoor alles duurder wordt. Inflatie dus. Bijkomend zijn de centrale banken geld beginnen drukken tijdens het begin van de pandemie ter ondersteuning van een groot deel van de bevolking dat voor een periode werkloos thuis zat. Dat is een nobele daad. Maar als men de geldkraan open draait en er minder goederen beschikbaar zijn om te kopen … dan betekent dat, dat er meer budget is als mensen tegen elkaar opbieden voor elk product of elke dienst en dan gaan de prijzen automatisch omhoog. Wederom inflatie.

treinStel onze goederentrein is een passagierstrein.

Je zit op die trein, het is er heel warm en er is geen airco. De trein stopt nergens meer en de rit is nog lang, je hebt ontzettende dorst. Maar je bent niet alleen. Iedereen heeft tien euro op zak, helaas zijn er niet voldoende flesjes van dat koude water voor iedereen. Daardoor zal ook jij je tien euro moeten neertellen voor een flesje. Als er op de trein plots geld wordt bijgedrukt, ontvangt iedereen tien euro extra. Iedereen heeft nu twintig euro om te spenderen. Iedereen zal maar al te graag die twintig euro spenderen… en dat zal ook jij moeten doen. Op deze manier daalt de koopkracht van het geld van elke passagier.

Plots ontdekt men in de achterste wagon een koelkast met voldoende water voor iedereen, ga je twee keer nadenken voordat je jouw volledige budget eraan zal spenderen. De verkoper zal zijn prijs doen zakken in de hoop dat iedereen meer dan één flesje koopt. In onze economie is dat net zo. De hoeveelheid geld en producten in omloop, vraag en aanbod bepalen de koopkracht van elke euro.

In onze economie is het niet anders.

Net zoals de geliefde flesjes water in onze trein een heel belangrijk product waren, is in onze economie het ene product al wat belangrijker dan het andere. Energie is zo een belangrijk product, het heeft invloed op alles. Door de oorlog in Oekraïne en de boycot van Rusland (een grote leverancier van energie) gingen de prijzen van het goedje dan ook de lucht in. En dat heeft effect op alles, ook op onze voedselprijzen… want men gebruikt stikstof uit gas, om de meststoffen te bekomen die voor een hogere opbrengst per vierkante meter landbouwgrond zorgen. Dus als de gasprijzen stijgen zullen we dat het snelste merken aan onze energiefactuur… maar even later ook als we naar de winkel gaan voor eten.

Oekraïne is ook nog eens een grote producent van voedingsproducten. Ze exporteren onder andere graan, soja en kip. We zullen het dus allemaal wel gaan voelen, die oorlog.

Hoe lossen we inflatie op?

Nu we weten wat het probleem is, moeten we alleen nog een manier vinden om het op te lossen. En daar spelen de centrale banken een grote rol in. Zij zijn opgericht om ons te beschermen tegen situaties van te hoge inflatie of deflatie. Want bij inflatie daalt de koopkracht en stoppen mensen met consumeren. Maar bij deflatie stijgt de koopkracht en gaan mensen minder hard werken, dat is dan weer slecht voor de productiviteit. We gaan onze consumptie zelfs uitstellen op de hoop dat de prijzen nog lager worden. Consumptie en productiviteit zijn beide belangrijke drijfveren voor onze economie. Dus hebben de centrale banken gezworen deflatie weg te houden en inflatie laag te houden, om en bij de 2%.

inflatie monster

Het middel van vandaag voor de centrale banken om dat te bereiken, is onder andere de rente te doen stijgen. De gedachtegang daarachter is dat door de rente op te trekken er minder geld in omloop komt. Na een tijdje ziet geld op een spaarboekje laten staan er aantrekkelijker uit. Het brengt in cijfers meer op en de meeste mensen gaan minder uitgeven en meer sparen. Maar doordat de koopkracht van het geld door inflatie tegelijkertijd daalt weten wij als beleggers natuurlijk dat we op een spaarboekje meestal niet genoeg krijgen om de inflatie tegen te gaan. Wij beleggers willen namelijk een goede reële opbrengst, dat wil zeggen dat we nog wat overhouden nadat we onze opbrengsten corrigeren voor inflatie.

Een kort voorbeeld, als we in tijden van 5% inflatie, 4% rente krijgen op ons spaarboekje, maken we eigenlijk een reëel verlies van 1%. Dus staar je niet al te blind op de rente die je op een spaarboekje krijgt.

Het effect.

Als de rente stijgt is geld lenen kostelijker. Waardoor consumenten minder op krediet gaan kopen. Als gevolg gaan mensen minder geld uitgeven. Ze kopen minder en sparen meer. Bedrijven moeten hierdoor harder vechten om de consument te overtuigen hun producten te kopen. Er is meer concurrentie en op de langere termijn zullen ze hun prijzen moeten doen zakken om de verkoop te stimuleren. Ze laten hun prijzen zakken waardoor de inflatie zal dalen.

Natuurlijk is dat laatste niet zo goed voor de bedrijven en hun aandeelhouders. De marges krimpen en de cijfers van de bedrijven komen onder druk te staan. Vooral bedrijven met lage marges, veel schulden en slechte producten vallen in de klappen en gaan soms zelfs failliet. En dat is waarom beleggers bij het horen van het woordje inflatie al preventief het ergste verwachten en bepaalde posities beginnen over te hevelen naar veiligere oorden.

weimar republiek inflatie

Door Bundesarchiv, Bild 183-R1215-506 / CC-BY-SA 3.0, CC BY-SA 3.0 de, Koppeling

Een stapje verder, Hyperinflatie.

Nog erger dan al die inflatie is hyperinflatie, de meest bekende periode waarin het voorkwam is na de eerste wereldoorlog in het toenmalige Duitsland, de toenmalige Weimar Republiek. Elke dag veranderde daar de waarde van geld, arbeiders kregen op dagbasis hun salaris uitbetaald en gingen er direct mee naar de winkel. Want een dag later konden ze er alweer minder mee kopen. Een brood kostte voor de hyperinflatie 160 marken, tijdens steeg de prijs van één brood tot in de miljarden. Men ging met kruiwagens vol briefgeld een brood kopen. De winkelier telde het zelfs niet meer, hij woog het.

De oorzaak hiervoor was de heropbouw na de eerste wereldoorlog. De overheid dacht dat men die heropbouw goedkoop kon financieren door ongelimiteerd geld te drukken. Ook dacht men dat men het probleem van stakende werkkrachten die vonden dat ze te weinig betaald kregen, konden oplossen door geld bij te printen. Daar kwam de overheid dus snel achter.

Als je denkt dat hyperinflatie niet meer van deze tijd is, heb je het mis. Momenteel is er hyperinflatie in Venezuela en Zimbabwe, maar ook in Turkije. Veroorzaakt door slecht beleid en in sommige gevallen door embargo’s van andere landen.

De Venezolanen zijn creatief met hun briefgeld dat niets meer waard is geworden. Ze vouwen kunstwerkjes die tot wel duizenden bolivar kunnen bevatten en verkopen dat tegen een kleine meerwaarde op het internet. Dus het kan altijd erger.

LuchtballonWelke ballon gaat op tijdens inflatie en welke niet?

In een volgend artikel zal ik jullie vertellen welke beleggingen en bedrijven wel een goede keuze zijn tijdens periodes van verhoogde inflatie. 

Jim Stukken, financieel redacteur van Spaarvarkens.be schreef dit artikel. Het vormt een deeltje van de online cursus ‘Beleggen voor beginners’. Waar hij om de twee weken een live webinar geeft voor de clubleden van Spaarvarkens.be. Klik hier en wordt lid van onze beleggingsclub!

Pascal Paepen schreef al eerder een artikel over het inflatiemonster, je leest het hier

37 rating(s), gemiddelde: 4.6.