Anno 2020. Het gerechtelijke apparaat en het mediacircus draaien overuren voor een poes uit Peru. Het verwoestende effect van een woekerend virus wordt even vergeten om met 10.000 man te gaan betogen in Brussel. Beeldenstormers trekken voormalige leiders van hun sokkel. Ik denk dan even aan de gevleugelde woorden van de bekende volksfilosoof Cois Backeljau: “In wa veu ne wereld leven wij na?” Met die wijsheid, kernachtig gebald in een hypothetische vraag, verwoordt Backeljau exact wat ik voel nu ik kijk naar ons pensioen probleem.

De pensioenles

Als ik een krant zou mogen vullen, dan zou het niet over katers, stakers en krakers gaan. Er zijn veel grotere problemen. De duizenden miljarden euro’s en dollars vers geld die de centrale banken uitspuwen, bijvoorbeeld. Of de enorme kredietzeepbel en de bodemloze schatkisten die, voor de coronacrisis al, weinig goeds voorspellen voor mens en maatschappij. Als ik een groep jongeren een reden zou geven om vandaag te betogen, dan is dat niet het klimaat maar de uitzichtloosheid van hun pensioen. Jongeren en pensioen, gaan die twee dan samen? Jazeker. Door hun bezorgdheid voor het milieu en het klimaat geven jongeren aan bezig te zijn met hun toekomst. Hun welzijn zal echter niet alleen afhangen van het milieu, maar ook van hun pensioen. En daar is het niet goed mee gesteld, al zeker niet voor wie ervan uitgaat dat de overheid dat allemaal goed geregeld heeft. Wie geen probleem ziet in levenslange financiële afhankelijkheid geven we graag een korte pensioenles.

Het Belgische pensioensysteem bestaat uit 4 pijlers:

  1. Het wettelijk pensioen (wat de overheid ons gunt).
  2. Een aanvullend pensioen (via de werkgever).
  3. Het pensioensparen en langetermijnsparen.
  4. Alles wat we daarnaast zelf nog hebben gespaard.

Nationaal Pensioenonderzoek

Er zijn mensen die weinig of niets sparen, geen eigen huis hebben, niet aan pensioensparen doen en ook geen recht hebben op een groepsverzekering van de werkgever. Zij zullen voor hun pensieon geheel afhankelijk zijn van de eerste pijler, dus van wat de overheid aan pensioen voorziet. En dat is zelden genoeg. Uit het Nationaal Pensioenonderzoek van NN in 2019 blijkt dat het gemiddelde pensioen van een zelfstandige of een werknemer in ons land 1.157 euro bedraagt. Dat is niet alleen onder de armoedegrens, het is ook ruim onder de gemiddelde kost van een rusthuis (1.562 euro). De wettelijke pensioenen behoren zelfs tot de laagste in Europa en bedragen gemiddeld amper 66% van het laatste inkomen.

Nogal wat Vlamingen beseffen dat alleen de eerste pijler niet volstaat. Als ze dat relatief vroeg beseffen en een extra pensioen opbouwen door zelf te sparen en te beleggen zal dat hun financiële toekomst aanzienlijk verbeteren. Maar we focussen ons even op de groep die nog steeds denkt of hoopt dat de overheid de zaken goed geregeld heeft. Geloven zij echt dat de pensioenbelofte van zowat alle politieke partijen (minstens 1500 euro per maand voor elke gepensioneerde) weldra een feit zal zijn? Dan zouden ze beter moeten weten.

Waar is die pensioenpot met geld?

Zelfs gestudeerden gaan er helaas te vaak van uit dat de overheid ergens wel een potje heeft liggen met een gecumuleerde miljardensom van al die sociale bijdragen die over de loop der jaren werden afgehouden van het loon. Dat is helaas niet het geval. Dat geld is meteen weg. Door het Belgische repartitiestelsel worden de afgehouden bedragen meteen uitgekeerd aan wie nu al met pensioen is. Het is de reden waarom ik me ieder jaar verontschuldig bij mijn studenten als ik het systeem uitleg: “Als ik nog een pensioen krijg heb ik dat te danken aan uw bijdrage. Maar ik kan u niet garanderen dat er later ook iemand zal zijn die uw pensioen zal betalen.” In zekere zin is ons pensioensysteem een piramidespel. Een piramidespel of ‘ponzi scheme’ is een frauduleus opgezet systeem waarbij aan bijdragers een grote winst beloofd wordt. Die winst is er in principe alleen voor de bedrieger die het systeem opzet omdat je steeds meer betalers nodig hebt om het systeem in stand te houden. Net als bij een piramidespel veronderstelt ons wettelijke pensioen dat er steeds meer werkenden bijkomen om de pensioenen te kunnen betalen. Dat zal niet gebeuren. De bevolkingspiramide toont nu al dat er steeds minder werkenden zijn per gepensioneerde. Het systeem is dus niet houdbaar. Dat weten we nu al. En toch zullen heel wat mensen opschrikken als ze het ooit beseffen.

De toestand is ernstig, maar niet hopeloos

Is er dan een oplossing? Natuurlijk! Meer dan een oplossing, zelfs. Aan de overheid zouden we willen vragen om meer financiële discipline te tonen. Door de coronacrisis en de volmachtenregering is die discipline verder weg dan ooit. Als het even kan zou er ook mogen gestart worden met een overheidsfonds dat een reserve aanlegt voor moeilijke tijden. Een belegde reserve, weliswaar. Wat te denken van een mini-versie van het Noorse pensioenstaatsfonds dat momenteel 10,36 biljoen Noorse kroon waard is (969 miljard euro!).

Naast de overheid is ook iedere burger verantwoordelijk voor zijn financiële toekomst. Kan je kiezen uit een salariswagen of een mooie groepsverzekering, kies dan voor het laatste. Doe ook aan pensioensparen en spaar daarbovenop, als het even kan, nog wat extra’s. Een buffer is noodzaak voor wie (terecht) niet gelooft in het piramidespel!

Conclusie over ons pensioen

  • Het wettelijk pensioen is vaak te laag om goed van te leven.
  • Niet iedereen heeft een tweede, derde of vierde pensioenpijler.
  • De overheid moet maatregelen nemen voor een goed en betaalbaar wettelijk pensioen.
  • Daarnaast zijn sparen en beleggen noodzakelijk.