Op vakantie in Italië

Rome Italië - Canva

Wie deze zomer naar Italië reist, heeft keuze te over. In het noorden wachten de Alpen, de Dolomieten en de grote meren. Verder naar het zuiden liggen historische steden zoals Firenze, Rome en Napels, gevolgd door de stranden van Puglia, Sicilië en Sardinië. Voeg daar de Italiaanse keuken, het klimaat, de kunst en de architectuur aan toe en het is niet moeilijk te begrijpen waarom Italië tot de populairste vakantiebestemmingen ter wereld behoort.

Tijdens zo’n vakantie kom je bovendien voortdurend in aanraking met Italiaanse bedrijven en merken. Misschien drink je koffie uit een machine van De’Longhi, train je in het hotel op een toestel van Technogym, bestel je een Italiaanse wijn of spot je aan de kust een luxejacht van Sanlorenzo. Ferrari en de grote Italiaanse modehuizen zijn wereldwijd bekend, maar achter die beroemde namen schuilt een veel bredere economie van gespecialiseerde familiebedrijven, industriële ondernemingen en sterke exporteurs.

Italië wordt economisch nog vaak geassocieerd met lage groei, hoge overheidsschulden en politieke instabiliteit. Dat beeld is niet volledig onterecht, maar het doet ook geen recht aan de remonte van de voorbije jaren. De Italiaanse economie bleek weerbaarder dan velen hadden verwacht, terwijl investeringen in infrastructuur, digitalisering en energie de modernisering ondersteunen. Italië beschikt daarnaast over een sterke industriële basis en heeft een uitstekende reputatie in niches zoals machines, voeding, mode, luxe, design, farmaceutica en gespecialiseerde technologie.

Voor beleggers is vooral belangrijk dat veel Italiaanse beursbedrijven niet uitsluitend afhankelijk zijn van de binnenlandse economie. Ze verkopen hun producten en diensten wereldwijd en profiteren van de aantrekkingskracht van Italiaanse merken, vakmanschap en techniek. De beurs van Milaan biedt daardoor een verrassend gevarieerde combinatie van banken, nutsbedrijven, luxemerken, defensiegroepen en kleinere familiebedrijven.

De FTSE-MIB-index

De belangrijkste Italiaanse beursindex is de FTSE MIB. Deze index bestaat uit veertig grote en liquide aandelen die op de hoofdmarkt van de beurs van Milaan worden verhandeld. De bedrijven worden gewogen op basis van hun vrij verhandelbare beurswaarde. Daardoor hebben de grootste ondernemingen ook de meeste invloed op de bewegingen van de index.

De FTSE MIB is bovendien vrij geconcentreerd. De tien grootste posities vertegenwoordigen ruim 71% van de index. Vooral banken wegen zwaar. Financiële instellingen maken collectief bijna de helft van de index uit. UniCredit, Intesa Sanpaolo en Enel zijn momenteel de drie grootste componenten en vertegenwoordigen samen ongeveer 38% van de index. We bespreken die top drie hieronder, aangevuld met nog twee bekende aandelen uit de top tien.

Vijf Italiaanse grootheden

UniCredit is een van de grootste banken van Europa en de grootste component in de FTSE MIB. De groep is niet alleen actief in Italië, maar beschikt ook over sterke posities in Duitsland, Oostenrijk en Centraal- en Oost-Europa. Onder CEO Andrea Orcel werd de bank grondig hervormd. De kosten werden beter onder controle gebracht, de balans werd versterkt en een groter deel van de winst vloeide terug naar de aandeelhouders. UniCredit is daardoor uitgegroeid van een probleemgeval tot een van de meest winstgevende Europese grootbanken. Het aandeel blijft wel gevoelig voor rentevoeten, kredietverliezen, regelgeving en de ambitieuze overnameplannen van het management. UniCredit is momenteel in de eindfase om de Duitse Commerzbank over te nemen.

Intesa Sanpaolo is de grootste bank die hoofdzakelijk op de Italiaanse markt actief is. Naast klassieke bankdiensten beschikt de groep over grote activiteiten in verzekeringen, vermogensbeheer en private banking. Daardoor is Intesa minder afhankelijk van de rentemarge dan een traditionele bank en ontvangt het ook veel terugkerende commissies en verzekeringsinkomsten. De sterke marktpositie, hoge winstgevendheid en royale uitkeringen aan aandeelhouders maken het aandeel aantrekkelijk voor dividendbeleggers. Daar staat tegenover dat Intesa sterk blootgesteld blijft aan de Italiaanse economie en aan politieke beslissingen, zoals extra belastingen of strengere regels voor de banksector.

Enel is een van de grootste elektriciteitsbedrijven ter wereld. De groep produceert en verkoopt elektriciteit, investeert in hernieuwbare energie en beheert grote elektriciteitsnetwerken in Europa en Latijns-Amerika. Vooral die netwerken zijn interessant. Elektrische auto’s, warmtepompen, datacenters en hernieuwbare energie vragen om veel zwaardere en slimmere stroomnetten. Enel kan daardoor jarenlang investeren in infrastructuur die relatief voorspelbare inkomsten oplevert. Het bedrijf combineert een defensieve activiteit met structurele groei door elektrificatie. Beleggers moeten wel rekening houden met de hoge investeringsbehoefte, de aanzienlijke schuldpositie en de sterke invloed van overheden en energieregulatoren.

Het alombekende Ferrari wordt officieel als autofabrikant geclassificeerd, maar het bedrijfsmodel lijkt veel meer op dat van een luxehuis. De productie wordt bewust beperkt, wachtlijsten houden het merk exclusief en klanten betalen forse bedragen voor personalisatie en speciale uitvoeringen. Daardoor beschikt Ferrari over een prijszettingsmacht en winstmarge waar traditionele autobouwers alleen maar van kunnen dromen. Het merk profiteert bovendien van de groeiende groep vermogende consumenten wereldwijd. Eerder dit jaar lanceerde Ferrari zijn eerste volledig elektrische model: de Luce. Beleggers konden het aparte ontwerp initieel niet smaken, maar de verkoop loopt nu toch vlot. Wie de waardering van Ferrari te hoog vindt, kan een belegging in Exor overwegen. Ferrari is ruimschoots de grootste positie van Exor, de holding die noteert met een korting ten opzichte van de intrinsieke waarde van ongeveer 55%.

Leonardo is de Italiaanse kampioen in defensie, luchtvaart en ruimtevaart. De groep produceert onder meer helikopters, radarsystemen, defensie-elektronica en onderdelen voor militaire vliegtuigen en satellieten. Leonardo profiteert rechtstreeks van de stijgende defensiebudgetten in Europa, waar landen hun voorraden aanvullen en hun krijgsmachten moderniseren. Het grote orderboek geeft jarenlang zicht op toekomstige productie en de groep heeft haar balans en winstgevendheid duidelijk verbeterd. Defensie blijft wel een sector waarin grote projecten vertraging kunnen oplopen of duurder kunnen uitvallen dan gepland. Bovendien is de aandelenkoers al sterk gestegen, waardoor een deel van het goede nieuws ondertussen in de waardering zit.

Zes Italiaanse underdogs

Naast de bekende indexzwaargewichten telt de Italiaanse beurs heel wat minder bekende bedrijven. De bedrijven vertegenwoordigen enkele typisch Italiaanse sterktes: design, luxe, voeding en gespecialiseerde consumentenproducten.

Wie tijdens zijn vakantie de fitnessruimte van een degelijk hotel binnenwandelt, heeft een goede kans om toestellen van Technogym tegen te komen. Het bedrijf produceert premium fitnessapparatuur voor fitnesscentra, hotels, ziekenhuizen, sportploegen en particuliere gebruikers. Technogym verkoopt steeds meer dan alleen toestellen. Via apps, gebruikersprofielen en digitale trainingsprogramma’s bouwt het aan een breder ecosysteem rond gezondheid en beweging. Het bedrijf profiteert van de groeiende aandacht voor preventie, sport en een gezonde levensstijl en beschikt over een sterk internationaal merk.

Italmobiliare is de investeringsholding van de Italiaanse familie Pesenti. De familie bouwde haar vermogen oorspronkelijk op in de cementsector, maar investeert tegenwoordig in een brede portefeuille van voornamelijk niet-beursgenoteerde Italiaanse bedrijven. Bekende participaties zijn koffieproducent Caffè Borbone, parfumeriehuis Santa Maria Novella, sportgroep Tecnica en wielerschoenenmerk SIDI. Het aandeel noteert met een aanzienlijke korting ten opzichte van de geschatte waarde van de onderliggende participaties. Dat kan kansen bieden wanneer de bedrijven verder groeien of participaties met winst worden verkocht. Beleggers moeten wel vertrouwen op de waarderingen van private bedrijven en op de kapitaalallocatie van de controlerende familie. Zoals de trouwe Spaarvarkentjes ongetwijfeld ook weten, werd Italmobiliaire vorig jaar opgenomen in de 5G-portefeuille van Jim.

Sanlorenzo bouwt exclusieve motorjachten en superjachten voor zeer vermogende klanten. Elk jacht wordt in belangrijke mate aangepast aan de wensen van de eigenaar, waardoor het bedrijf zich kan onderscheiden van meer gestandaardiseerde producenten. Sanlorenzo probeert net als Ferrari de productie bewust te beperken en schaarste te combineren met groei. Via de overname van Nautor Swan is de groep ook actief geworden in luxueuze zeiljachten. De klanten zijn doorgaans minder gevoelig voor economische schommelingen, maar luxejachten blijven dure en uitstelbare aankopen. Geopolitieke sancties, belastingen op grote vermogens en een tegenvallende integratie van overnames vormen daarom belangrijke risico’s.

Brunello Cucinelli bouwde vanuit het dorp Solomeo in Umbrië een internationaal luxemerk op. Het modehuis werd vooral bekend met hoogwaardige kasjmierkleding en richt zich op het absolute topsegment van de markt. De ingetogen stijl wordt vaak omschreven als ‘stille luxe’: dure materialen en herkenbaar vakmanschap, maar zonder opvallende logo’s. Die positionering heeft het merk geholpen om sneller te groeien dan veel grotere luxegroepen. Brunello Cucinelli profiteert van de wereldwijde vraag naar exclusieve en tijdloze kleding, maar de waardering van het aandeel laat weinig ruimte voor teleurstellingen. Het bedrijf moet zijn sterke groei en exclusieve imago dus nog jarenlang zien te behouden.

Italian Wine Brands is veruit het kleinste bedrijf uit deze selectie. De groep produceert, bottelt, verkoopt en exporteert Italiaanse wijn en bezit verschillende eigen merken. Daarnaast maakt ze wijnen voor supermarkten en andere klanten, waardoor ze een breed publiek bereikt zonder zelf volledig afhankelijk te zijn van één merk. Het bedrijf genereert stevige kasstromen en gebruikt die onder meer om de schuld af te bouwen. Italian Wine Brands biedt beleggers een rechtstreekse blootstelling aan de internationale populariteit van Italiaanse wijn. Daar staan de beperkte verhandelbaarheid van het aandeel, grillige oogsten, mogelijke invoerheffingen en de dalende wijnconsumptie in sommige ontwikkelde landen tegenover.

De’Longhi tenslotte is vooral bekend van zijn koffiemachines, maar verkoopt ook keukenapparatuur, airconditioners en andere huishoudtoestellen. De groep bezit daarnaast merken zoals Kenwood, Braun en Nutribullet. Een interessante groeipoot is professionele koffie, waarin De’Longhi via Eversys en het iconische La Marzocco actief is. Daarmee speelt het bedrijf zowel in op de populariteit van premiumkoffie thuis als op de groei van gespecialiseerde koffiebars. De’Longhi beschikt over sterke merken, internationale distributie en veel productkennis. Toch blijven huishoudtoestellen discretionaire aankopen, waardoor het bedrijf gevoelig is voor consumentenvertrouwen, concurrentie en wisselkoersschommelingen.

La dolce vita zonder keuzestress: hang je hangmat op in Italië

Wie gelooft in Italiaanse aandelen, maar niet zelf elf ondernemingen wil selecteren en opvolgen, kan ook voor een ETF kiezen. Daarmee krijgt de belegger in één transactie blootstelling aan een bredere korf Italiaanse bedrijven. De onderstaande ETF’s zijn fysiek en accumulerend: ze kopen de onderliggende aandelen en herbeleggen de ontvangen dividenden.

De iShares FTSE MIB UCITS ETF EUR (IE00B53L4X51) volgt rechtstreeks de FTSE MIB. Het fonds bestaat al geruime tijd, heeft voldoende omvang en wordt fysiek gerepliceerd. De lopende kosten bedragen 0,33%. Dit is de meest logische keuze voor wie precies wil beleggen in de index die in dit artikel wordt besproken. De ETF biedt toegang tot veertig Italiaanse aandelen, maar de spreiding is minder groot dan dat aantal doet vermoeden. Drie aandelen – UniCredit, Intesa Sanpaolo en Enel – vertegenwoordigen samen bijna 40% van de portefeuille, waardoor de prestaties sterk afhangen van enkele grote bedrijven en van de Italiaanse banksector.

De Amundi Italy MIB ESG UCITS ETF (LU1681037518) volgt niet de gewone FTSE MIB, maar een Italiaanse ESG-index. Bedrijven worden geselecteerd en gewogen op basis van duurzaamheidscriteria, waardoor de samenstelling afwijkt van de klassieke hoofdindex. De ETF is fysiek, accumulerend en met lopende kosten van 0,18% goedkoper dan de iShares-tracker. Hij kan daardoor interessant zijn voor beleggers die bewust een duurzaamheidsfilter willen toepassen. Ook deze index blijft echter sterk geconcentreerd in financiële instellingen. Wie een zuivere kopie van de FTSE MIB zoekt, kiest daarom beter voor iShares. Wie lagere kosten en een ESG-filter belangrijker vindt, kan Amundi overwegen.

Een Italië-ETF is wel geen vervanging voor een breed gespreide wereldtracker. De Italiaanse index blijft sterk geconcentreerd in banken, nutsbedrijven en enkele grote ondernemingen. Wie zo’n ETF koopt, doet dus bewust een landenweddenschap op Italië.

Slotwoord

Italië is veel meer dan een vakantieland met stranden, kunst en goed eten. Het beschikt ook over sterke banken, wereldberoemde luxemerken en gespecialiseerde familiebedrijven die hun producten wereldwijd verkopen. De binnenlandse economie is niet zonder problemen, maar op de beurs van Milaan vinden beleggers heel wat ondernemingen die veel verder reiken dan Italië zelf. Van elektriciteitsnetwerken en defensietechnologie tot kasjmier, koffiemachines, wijn en luxejachten: wie verder kijkt dan de toeristische trekpleisters ontdekt een verrassend veelzijdige aandelenmarkt.

Published in Aandelen, Beleggen, Fondsen, Gratis

Reacties