Na de bel: vertrouwen in de lift

Duitse ondernemersvertrouwen in de lift
Het vertrouwen van ondernemers in Duitsland is gestegen. Dat blijkt uit de meting van het Ifo-instituut. Die onderzoeksinstelling peilt maandelijks bij zo’n 9.000 Duitse ondernemingen naar de huidige situatie en de verwachtingen van de bedrijfsactiviteiten in de nabije toekomst. Deze maand staat de index op 86,7 punten. In februari was dat maar 85,3. Het verschil mag miniem lijken, maar toch is de klim opmerkelijk, zeker in een periode waarin Trump meermaals heeft gedreigd met hoge importtarieven voor Europese producten. Duitsland is een exportland en dus zijn onze oosterburen zeker niet ongevoelig voor de Amerikaanse heffingen. Toch zijn ondernemers er dus optimistisch. Dat positivisme is vooral te danken aan het stimuluspakket dat deze maand werd aangekondigd. 500 miljard euro aan investeringen in infrastructuur in combinatie met enorme investeringen in defensie moeten de Duitse economie weer doen groeien. De Ifo-index is overigens een ‘leidende indicator’, wat betekent dat het cijfer een goede indicatie geeft van de richting die de Duitse economie uitgaat.
Dag van de investeerder rendeert
Van ondernemingen wordt verwacht dat ze werk maken van ‘corporate governance’ of deugdelijk bestuur. Een belangrijk aspect is daarbij een goede verstandhouding tussen het management, de Raad van Bestuur en de aandeelhouders. Vooral bij beursgenoteerde ondernemingen wordt correcte communicatie voor de vele duizenden kleine aandeelhouders gewaardeerd. En dus houden bedrijven al eens een ‘dag van de investeerder’, waarbij beleggers en de media meer inzicht krijgen in de strategie. Dinsdag waren er tal van ‘Investors’ Days’, onder andere bij Shell, toerismegroep TUI en de Amerikaanse papierproducent International Paper. Die laatste scoort het best met een dagwinst van bijna 6% op Wall Street. Het management verwacht dan ook veel van de extra winst die kan gerealiseerd worden na de overname van concurrent DS Smith. De nieuwe fusiegroep die twee van ‘s werelds grootste papier- en verpakkingsproducenten samenbrengt zou jaarlijks 600 tot 700 miljoen dollar aan synergieën kunnen opleveren.
Beleg in niet-beursgenoteerde ondernemingen
Voortaan kunnen particuliere beleggers makkelijker investeren in niet-beursgenoteerde bedrijven. Amerikaanse platformen als EquityZen en Forge Global zetten hun deuren namelijk op een kier voor kleine beleggers. Klanten kunnen dan al vanaf 5.000 dollar beleggen in, bijvoorbeeld, Open AI en SpaceX. De markt van niet-beursgenoteerde ondernemingen of ‘private equity’ is gewoonlijk voorbehouden aan grote, institutionele beleggers. Die verdienen doorgaans goed aan succesvolle groeibedrijven die later voor veel geld naar de beurs worden gebracht. Kleine beleggers kunnen nu ook hun voordeel doen aan een vroege instap. Er zijn weliswaar ook nadelen verbonden aan een belegging in niet-beursgenoteerde bedrijven. Het risicogehalte is groter, ook al omdat de verhandelbaarheid beperkt is. Je moet je aandelen vaak minstens zes maanden aanhouden. Een belegging in een participatiemaatschappij als Sofina of Brederode is dan ook een goed alternatief. Die staan zelf op de beurs, maar zijn geïnvesteerd in een gediversifieerde selectie van niet-beursgenoteerde topbedrijven.
Published in Aandelen, Beleggen
Reacties