De kans dat we de volgende jaren hogere inflatie of geldontwaarding over ons heen zullen krijgen, is niet denkbeeldig. Door het coronavirus lijken beleidsmakers verzeild te zijn in een wedstrijdje ‘om ter grootste hulpplan’. Bovendien is de trend die de inflatie al decennia laag hield ook aan het keren. Spaarders zullen de grootste rekening krijgen. Wie ooit een inbreker in huis heeft gehad, is allicht niet alleen waardevolle spullen kwijt. Hij of zij blijft achter met gevoelens van kwaadheid en machteloosheid die blijven knagen. Het financiële equivalent van zo’n inbreker is inflatie. Doordat de rente op spaarrekeningen en vele obligaties laag is, verliezen veel mensen langzaam aan koopkracht.

Laag pensioen

Dat kan pijnlijk worden, als het spaargeld bijvoorbeeld onvoldoende blijkt om een laag pensioen aan te vullen. Maar het kan nog erger want als een geluk bij een ongeluk is de inflatie vandaag laag. In de jaren zeventig en tachtig was de hoge inflatie de grote vijand en liep de rente op tot 15% per jaar en meer. Galopperende inflatie kan er sneller terug staan dan men denkt.

Door de coronacrisis is de economie tot stilstand gekomen. Beleidsmakers en centrale bankiers tuimelden over elkaar heen met steunplannen van duizenden miljarden euro’s en dollars. ‘De politici gaan uit van een worstcasescenario. Maar als COVID-19 is geluwd, kan de economie heel sterk herleven’, waarschuwt Randeep Somel, een professionele belegger van de vermogensbeheerder M&G. Als daar dan die duizenden miljarden steun bovenop komen, kan de economie uit evenwicht raken.

Zullen bedrijven, die hebben stilgelegen, wel aan de plots hoge vraag kunnen voldoen? Fors stijgende prijzen en dus hoge inflatie is dan ons deel. Dat wordt dan een nieuwe trend. Inflatie is zoals tandpasta, dat duw je niet zomaar even terug in de tube. De voorbije decennia was de inflatie zo laag door het steeds verder vrijmaken van de handel in grote delen van de wereld. Bedrijven gingen produceren waar de kosten lager waren. Ondertussen is de tegengestelde beweging ingezet.

Met zijn handelsoorlogen heeft Donald Trump een dikke knuppel in het geglobaliseerde hoenderhok gegooid. Tot overmaat van ramp merken we in het rijke Westen dat we kwetsbaar zijn geworden door onze productie over de hele wereld te verspreiden. Voor virussen, maar ook voor tekorten aan mondmaskertjes en ontbrekende onderdelen die onze industrie en handel kunnen lamleggen. Politici roepen dat ze de productie naar hier willen halen. Bovendien kan het milieu winnen met minder transport. Maar daar hangt allemaal een prijskaartje aan: de trend die decennialang de prijzen in toom hield, slaat om.

Spaarders betalen het gelag

Bedrijven die hier terug willen produceren, zullen alleen personeel vinden als ze daar dubbel en dik voor betalen. En looninflatie is het zekerste recept voor inflatie van consumptieprijzen. En nu komt het: spaarders zullen niet op een veel hogere rente kunnen rekenen om die klimmende inflatie te compenseren. De centrale bankiers zullen waarschijnlijk obligaties blijven inkopen. Dat helpt landen en de bedrijven die extra schulden aangingen. Tegelijk blijft de rente dan laag, waardoor de opgelopen staatsschulden ­betaalbaar blijven. Sterker nog, door de hogere inflatie neemt het belang van die schulden af. Iedereen blij, behalve spaarders en obligatiebezitters. Het wordt voor hen niet beter, maar erger dan de voorbije jaren. Een verwittigd spaarder is er twee waard. Gelukkig zijn er oplossingen, ook zonder grote risico’s te moeten nemen. Daar vertel ik u in mijn volgende column graag meer over.

4 rating(s), gemiddelde: 5.