Beleggen in het Trump-tijdperk
De terugkeer van Donald Trump naar het Witte Huis zorgt opnieuw voor duidelijke verschuivingen in het economische en politieke landschap. Zijn uitgesproken visie op defensie, handel en binnenlandse productie heeft directe gevolgen voor financiële markten en specifieke sectoren op de beurs.
Sommige bedrijven profiteren van hogere overheidsuitgaven, deregulering en protectionistisch beleid, terwijl andere juist onder druk komen te staan door beleidswijzigingen en onzekerheid. Voor beleggers is het daarom essentieel om te begrijpen welke sectoren floreren in het Trump-tijdperk en welke juist terrein verliezen. In dit artikel zetten we de belangrijkste winnaars en verliezers overzichtelijk op een rij.

Sectoren die floreren
Defensie
Sinds Donald Trump aan zijn tweede ambtstermijn begon, behoren defensieaandelen opnieuw tot de best presterende sectoren op de beurs. De belangrijkste reden is het uitgesproken pro-defensiebeleid van de president. Trump heeft herhaaldelijk gepleit voor een sterk en dominant Amerikaans leger, wat zich vertaalt in hogere defensiebudgetten en langdurige overheidscontracten. Voor beleggers betekent dit voorspelbare inkomsten en stabiele kasstromen voor defensiebedrijven.
Daarnaast spelen geopolitieke spanningen een grote rol. Conflicten en instabiliteit in onder meer Oost-Europa, het Midden-Oosten en Azië zorgen ervoor dat zowel de Verenigde Staten als bondgenoten hun militaire uitgaven opvoeren. Amerikaanse defensiebedrijven profiteren hiervan, omdat zij vaak leverancier zijn van geavanceerde wapensystemen, technologie en onderhoudsdiensten.
Lockheed Martin en Northrop Grumman
Lockheed Martin is hét boegbeeld van deze trend. Het bedrijf produceert onder meer de F-35 gevechtsvliegtuigen, raketsystemen en ruimtevaarttechnologie. Tijdens Trumps tweede termijn bleef de orderportefeuille groeien, mede dankzij nieuwe contracten en uitbreidingen van bestaande programma’s. De lange looptijd van deze projecten geeft beleggers zicht op jarenlange omzet.

Ook Northrop Grumman profiteert sterk. Het bedrijf speelt een sleutelrol in strategische defensie, onder meer met stealth-bommenwerpers, drones en nucleaire afschrikkingstechnologie. Juist die focus op geavanceerde en strategische systemen sluit nauw aan bij Trumps defensievisie.

Financiële sector
Financiële aandelen, en met name banken, profiteren ook. Een belangrijk motief is het dereguleringsbeleid. Trump zet opnieuw in op het versoepelen van regels die na de financiële crisis werden ingevoerd, waardoor banken minder kapitaal hoeven aan te houden en meer ruimte krijgen om winstgevend te opereren.
Vervolgens spelen relatief hoge rentes een gunstige rol. Banken verdienen meer aan het verschil tussen de rente die zij ontvangen op leningen en de rente die zij betalen op spaargeld. Dit vergroot de marges, vooral bij grote Amerikaanse banken met een sterke binnenlandse focus. Ook Trumps pro-ondernemersretoriek en belastingvriendelijke houding versterken het vertrouwen van beleggers in de financiële sector.
Goldman Sachs en Morgan Stanley
Goldman Sachs profiteert vooral van een opleving in fusies, overnames en beursgangen. Door een vriendelijker regelgevend klimaat en minder politieke terughoudendheid durven bedrijven weer strategische deals te sluiten, wat de advies- en handelsinkomsten van de zakenbank stimuleert.

Daarnaast vaart ook Morgan Stanley wel bij deze omstandigheden. De bank combineert investment banking met vermogensbeheer en profiteert zowel van actieve kapitaalmarkten als van groeiende beleggersportefeuilles.

Industrials en “America First” productie
Tot slot doen industrials en binnenlandse productiebedrijven het goed door het “America First”-beleid. De kern hiervan is de nadruk op binnenlandse productie, herindustrialisatie en economische zelfvoorziening. Door importheffingen op buitenlandse goederen en stimulansen voor Amerikaanse fabrieken worden binnenlandse producenten relatief gezien competitiever.
Verder zet Trump sterk in op infrastructuur en strategische industrieën. Investeringen in wegen, energie, defensie en grondstoffen zorgen voor extra vraag naar machines, bouwmateriaal en basismetalen. Bedrijven die essentieel zijn voor deze keten zien hun orderboeken groeien.
Caterpillar en Alcoa
Caterpillar profiteert direct van hogere infrastructuuruitgaven en hernieuwde investeringen in Amerikaanse mijnbouw en bouwprojecten. De vraag naar zware machines stijgt, terwijl de focus op binnenlandse projecten de afhankelijkheid van internationale markten vermindert.

Alcoa, producent van aluminium, vaart wel bij importtarieven op buitenlands metaal. Deze heffingen maken geïmporteerd aluminium duurder, waardoor Amerikaanse producenten zoals Alcoa concurrerender worden op hun thuismarkt. Hierdoor kan het bedrijf hogere prijzen vragen zonder marktaandeel te verliezen.

Sectoren die het minder goed doen
Groene-energieaandelen
Groene-energieaandelen hebben het moeilijk in de tweede termijn van president Donald Trump. De belangrijkste oorzaak is een duidelijke beleidsomslag richting fossiele brandstoffen. Trump benadrukt energie-onafhankelijkheid via olie, gas en steenkool en heeft subsidies en stimuleringsmaatregelen voor hernieuwbare energie teruggeschroefd of onzeker gemaakt. Dit tast het vertrouwen van beleggers aan, omdat veel groene-energieprojecten sterk leunen op overheidssteun.
Bovendien zorgen regelgevende onzekerheid en uitgestelde klimaatdoelen voor terughoudendheid bij investeerders. Waar onder eerdere regeringen een langetermijnvisie op energietransitie bestond, ontbreekt die nu grotendeels. Hogere rentes spelen ook een rol. Groene-energieprojecten zijn kapitaalintensief, waardoor stijgende financieringskosten de winstgevendheid onder druk zetten.
Ørsted
Ørsted, wereldwijd actief in offshore wind, kampt met een verslechterd investeringsklimaat in de Verenigde Staten. Een belangrijk Amerikaans project werd bijvoorbeeld herhaaldelijk stopgezet, terwijl kosten stijgen en politieke steun afneemt.

Tariefgevoelige bedrijven
Bedrijven die sterk afhankelijk zijn van global trade zitten in de hoek waar er klappen vallen. De kernoorzaak is het hernieuwde protectionistische handelsbeleid van de Verenigde Staten. Importtarieven, dreiging met nieuwe heffingen en het heronderhandelen van handelsakkoorden zorgen voor onzekerheid en hogere kosten voor multinationals met internationale productieketens.
Veel van deze bedrijven produceren buiten de Verenigde Staten of halen grondstoffen en halffabricaten uit het buitenland. Door invoerheffingen stijgen de kosten, terwijl die niet altijd volledig kunnen worden doorberekend aan consumenten. Dat zet marges onder druk.
Tot slot zorgen handelsconflicten voor volatiliteit in valuta en logistiek, wat planning en investeringen bemoeilijkt. Voor beleggers zijn dit risicofactoren die wegen op waarderingen.
Nike en Stellantis
Nike is sterk afhankelijk van productie in Azië. Importtarieven op schoenen en kleding verhogen de kosten, terwijl prijsverhogingen het consumentengedrag negatief kunnen beïnvloeden. Hierdoor staat de winstgevendheid onder druk, ondanks de sterke merknaam.

Ook Stellantis, met merken als Peugeot, Fiat en Jeep, voelt de impact van handelsspanningen. De autofabrikant opereert wereldwijd en is afhankelijk van grensoverschrijdende toeleveringsketens. Tarieven op auto’s en onderdelen verhogen de kosten en maken het lastiger om efficiënt te produceren voor de Amerikaanse markt.


Reacties