Serie-overnemers hebben al betere tijden gekend

Op de beurs hoor je al eens de uitdrukking ‘the sky is the limit’. Het lijkt dan alsof het niet anders kan dan dat een stijging gevolgd wordt door een nog grotere stijging. De meeste dromen mogen dan al bedrog zijn, dat neemt niet weg dat beleggers en ook analisten al eens durven dromen. Een bijzondere categorie van aandelen en bedrijven die het de laatste decennia erg goed deed op de beurs is die van de zogenaamde ‘serial acquirers’ of serie-overnemers. Zoals de term al doet vermoeden zijn dat ondernemingen die fenomenaal groeien dankzij het grote aantal overnames die ze doen. In een ver verleden was General Electric een voorbeeld van dat soort bedrijven. Die Amerikaanse onderneming ontstond in 1892 uit de fusie van twee firma’s die materiaal produceerden voor de elektriciteitsmarkt. Maar het bedrijf kende vooral een fenomenale groei in de jaren ’80 en ’90 van de vorige eeuw toen zijn manager Jack Welch honderden bedrijfjes overnam. De managementstijl van Welch werd alom geprezen en de ster van General Electric schitterde tot er een einde kwam aan de succesvolle groei.

In een recenter verleden zien we dezelfde overnamehonger in de softwaresector. Het Canadese Constellation Software zou sinds zijn oprichting in 1995 al meer dan 500 softwarebedrijven hebben overgenomen, tot in ons land toe. In Duitsland heeft Chapters hetzelfde model. De firma neemt softwarebedrijven over om vervolgens klanten zoals overheden, scholen en ziekenhuizen meteen het dubbele aan te rekenen om zo meer te kunnen verdienen. “Ze kunnen toch niet weg”, luidt de redenering. Maar die strategie lijkt me in vele opzichten niet duurzaam. Ook al willen en moeten heel wat bedrijven en overheidsinstellingen investeren in software, hun budgetten zijn niet oneindig. Bovendien duikt er de laatste tijd een fenomeen op waarbij men zich vragen stelt bij de hoge prijzen die softwarebedrijven aanrekenen. Dankzij artificiële intelligentie kan er veel sneller en goedkoper geprogrammeerd worden.

Beleggers beseffen nu dat dat de ‘sky’ misschien toch te hoog gegrepen is. De aandelen van serie-overnemers in de softwaresector zijn dan ook op korte termijn al fors teruggevallen. Constellation Software verloor op een jaar de helft van zijn waarde. Chapters zag zijn koers op een week 25% zakken. Het zet beleggers weer met hun voeten op de grond. Groeien is goed, maar als het te hard gaat, is de kans ook groot dat het ooit zal mislopen. Niets blijft duren en al zeker niet op de beurs.

Dit artikel verscheen eerder in HBVL

Published in Nieuws

Reacties

  1. Bij softwarebedrijven zijn niet de programmeurs de bottleneck. Het zijn de functionaliteiten die in de software ingebouwd zijn, die de klanten interesseert. Die worden door (software) analisten eerst doorgesproken met de klanten. Daarna pas worden die functionaliteiten in de software erbij geprogrammeerd. Het uiteindelijke resultaat wordt dan voorgesteld aan de klanten en eventueel bijgestuurd vooraleer dat in “productie” genomen wordt.

  2. Zelf begrijp ik niet zo goed hoe bedrijven als SAP zouden kunnen te lijden hebben onder AI. Ik zie van de verste verte niet in hoe een AI bijvoorbeeld een ERP pakket zou kunnen overbodig maken? Dat zijn op zich eigenlijk ook gewoonweg verschillende zaken. Zaken programmeren zal met AI wellicht makkelijker worden, maar daar zou dit soort bedrijven dan eerder van profiteren omdat ze dan goedkoper kunnen “produceren”, lijkt me? Wat zie ik over het hoofd?